|
Gemaakt op 2010-07-03 20:50
|
|

|
Een stabiele zit zorgt ervoor dat de ruiter compleet in zijn eigen perfecte balans blijft als het paard een plotselinge beweging maakt:
- Het bovenlichaam is ''trots'' en ''groeit'' vanaf de heupen naar boven;
- De benen hangen vanaf de heupen ''zwaar'' naar beneden en ''schieten wortel'' in de grond.
|
 |
 |
Er bestaat natuurlijk een ideale houding en zit voor de ruiter. Maar een goede houding hangt samen met een goed opgeleid paard. Een ruiter kan mooi zitten op een goed en makkelijk bewegend paard.
Een paard dat nog ''work-in-progress'' is, vraagt niet om een mooie, maar om een functionele houding van de ruiter.
|
Plaatje is uit het boek van Susan Harris: Horse, gaits, balance and movements.
Bij het groene paard, wiens bewegingen nog uit evenwicht en vaak stijf zijn is het belangrijk dat de ruiter het paard vakkundig begeleidt met zit, been en teugelhulpen. Hierbij moet de ruiter regelmatig afwijken van de voorgeschreven lichaamshouding en ideale positie van de hand. Dus er verdwijnt wel eens een teugelhand over de manenkam om de schouders correct te positioneren t.o.v. de achterhand en te voorkomen dat het paard op de binnenschouder of over de buitenschouder valt. Of de ruiter verlicht zijn zit, omdat het paard zijn rug nog niet voldoende ontspant.
En zoals Steinbrecht zegt over de houding van de vakruiter:
''Het getuigt van een ernstige mate van onkunde als toeschouwers dan tijdens zijn werk een oordeel over hem vellen op grond van zijn houding. De vakruiter - en daartoe reken ik alle lieden die hun paard zelf opleiden, of dit nu uit liefde voor het paard of voor de rijkunst is, of omdat men als ruiter een bepaalde roeping volgt - kan men uitsluitend goed beoordelen op grond van de resultaten van zijn werk, dat wil zeggen bij de produktie van zelf afgerichte paarden. Maar ook dan: meer op grond van de prestaties van de paarden dan op die van zijn eigen houding''. |
|
Laatst aangepast op zaterdag, 03 juli 2010 21:54 |