headershadow

Latest Blogposts

Systeem van rechtrichtende buigingsarbeid

Als we op een paard willen rijden, moeten we ons bewust zijn van zijn natuurlijke scheefheid. Het op de voorhand lopen is één van de dimensies van de natuurlijke scheefheid.

Omdat het hoofd en de nek aan de kant van de voorbenen zitten, dragen de fragiele voorbenen meer gewicht dan de achterbenen. Dit wordt het natuurlijk evenwicht genoemd.

Van nature is de achterhand echter veel beter uitgerust om gewicht te dragen. Het is daarom beter en gezonder voor het paard om zijn eigen gewicht en dat van de ruiter voornamelijk met zijn flexibele achterbenen te dragen ipv met de fragiele voorbenen. Deze manier van dragen wordt ook wel het rijkunstig evenwicht genoemd.

Dus als we het paard willen berijden is het volgende heel belangrijk:

  • de achterbenen buigzaam maken
  • het verplaatsen van het zwaartepunt van voor naar achteren
  • het ontwikkelen van het rijkunstig evenwicht , waarbij de achterbenen meer gewicht opnemen

Om dit te bereiken, gebruiken we het rechtrichten wat bestaat uit een systeem van logisch op eenvolgende buigingsoefeningen die we gezamenlijk ook wel rechtrichtende buigingsarbeid noemen.

Natural asymmetry

Klik hier voor een video met een kort overzicht van alle rechtrichtende buigingsoefeningen:

Rechtrichtende buigingsarbeid

Rechtrichtende buigingsarbeid bestaat uit een systeem van logisch opeenvolgende en steeds zwaarder wordende oefeningen die het paard steeds sterker maken.

Rechtrichtende buigingsarbeidRechtrichtende buigingsarbeid

Op de volte leert het paard zijn lichaam te buigen, van nek tot staart, en in een voorwaarts neerwaartse houding te bewegen met achterbeen wat richting het correcte zwaartepunt stapt. Na deze buigingsarbeid op een enkele hoefslag, introduceren we de zijgangen op twee hoefslagen.

Allereerst wordt de schouderbinnenwaarts geïntroduceerd om nog meer flexibiliteit in lijf en ledematen tot stand te brengen. De schouderbinnenwaarts brengt het binnenachterbeen onder het zwaartepunt en het paard leert zichzelf te dragen met dit achterbeen.

De travers kan worden geïntroduceerd als de schouderbinnenwaarts bevestigd is. In de travers leert het paard ook zijn buitenachterbeen tot dragen te brengen.

De renvers, het appuyement en de pirouette zijn afgeleiden van de travers, met toenemende moelijkheidsgraad. In de renvers bevind de muur zich aan de andere kant van het paard, het appuyement vindt zonder steun van de wand plaats en de pirouette is een travers op de cirkel waarbij de achterbenen een kleinere cirkel maken dan de voorbenen en daardoor vermeerderd moeten buigen.

De zijgangen maken beide achterbenen individueel buigzaam en de zijgangen dragen bij aan het perfectioneren van de rijkunstige balans van het paard. Zij stellen het paard in de gelegenheid om zich meer en meer te verzamelen met als resultaat dat het paard sterker en sterker in de achterbenen wordt.

In de piaffe moeten beide achterbenen nog meer inbuigen en om en om dragen zij het gewicht. De voorbenen ondersteunen het lichaam van het paard ook nog steeds, maar de achterbenen dragen het leeuwendeel van het gewicht.

De levade ontstaat vanuit de piaffe. Als de achterhand buigzamer en buigzamer wordt en steeds meer gewicht op gaat nemen, gaat het zwaartepunt ook steeds verder naar achteren. Als het zwaartepunt ver genoeg teruggelegd wordt, kan een zodanige balans ontstaan dat eerst een enkel voorbeen van de grond komt en later beide.

De levade is dus geen circustruc, maar ontstaat automatisch als het paard sterk genoeg is om 100% procent van zijn gewicht met de achterbenen te dragen.

 

Vernissen

Het rechtrichten bestaat dus uit een aantal logisch elkaar opvolgende stappen.

Bij het rechtrichten is het regemlatig zo, dat je terugkeert naar de eerste stappen – naar de basis – en er weer een ‘laagje vernis’ bij doet.

Denk niet dat als je eenmaal bij de piaffe bent aanbeland, dat je alle lagen vernis al binnen hebt!

En owee als je de grondverf overslaat, dan gaat de boel met 100% zekerheid bladderen!

Soms is een verflaag er te snel en te dik opgebracht, wat er in eerste instantie goed uitziet. Maar na een tijdje moet er toch geschuurd worden en moet er een laag (of meerdere) afgehaald worden, waarna er weer een dunne, nieuwe, mooie blijvende laag kan worden aangebracht.

Pyramide

Rechtichten kun je ook vergelijken met een pyramide.

Talentvolle ruiters gaan soms als een speer de hoogte in en al heel snel ontstaat een prachtig resultaat. Maar dit is niet altijd grondig bevestigd bij ruiter en paard.

Je kunt het ook zo zien: de onderkant van de ‘pyramide’ is dan niet al te breed.

En als er in de ‘hogere’ oefeningen dan iets fout gaat, moet geheel teruggekeerd worden naar de basis. En deze basis moet dan eerst breder gemaakt worden, met een extra vernislaag.

De pyramide wordt met de tijd breder en breder aan de onderkant, zodat hij steeds meer solide op zijn grondvesten rust.

Zelfs in de fase van de hoge schoolsprongen die in de academische rijkunst worden uitgevoerd, wordt wederom naar de basis teruggekeerd om daar weer een laagje aan details toe te voegen.

rechtrichten

Bij het rechtrichten en de academische rijkunst zijn de grove contouren vaak snel zichtbaar en dan lijkt het al heel wat.

Maar het echte verfijnen, de details aanbrengen, de puntjes op de i zetten, de kleine nuances aanleggen …. daar is een hoop tijd, geduld, gevoel en toewijding voor nodig en dat duurt een levenlang.

 

0 reacties op “Systeem van rechtrichtende buigingsarbeid

Plaats een reactie


*