|
Gemaakt op 2007-01-17 23:46
|
  |
Het paard heeft abstract gezien een driehoek of torpedo vorm: de achterhand van het paard is breder dan de voorhand. De heupen zijn breder dan de schouders.
Het paard loopt daarnaast van nature met zijn voorhand enigzins scheef geplaatst t.o.v. de achterhand.
|
|
Zeker als het paard langs een wand gereden wordt, wordt dit aspect nog versterkt:

 |
Het paard plaatst zijn binnenachterbeen naast de massa gaat. Het spoort met de achterhand zijdelings naast de sporen van de voorhoeven en komt zo nog extra scheef te lopen.
|
Door de torpedovorm komt de voorwaartse impuls van de bredere achterhand schraag op de voorhand terecht, waardoor het paard zijwaarts spoort en licht naar binnenkomt. |
|
Laatst aangepast op dinsdag, 25 augustus 2009 18:33 |