|

|
Wist u dat er grote verschillen zijn tussen mens en paard in het ervaren van kou en het omgaan met kou? |
Dit doen we vaak om de wintervacht tegen te gaan en/of het paard te beschermen tegen de kou. Toch zijn er grote verschillen tussen mens en paard in het ervaren van kou en het omgaan met kou. Hieronder wat interessante verschillen.
De mens heeft geen vacht, het paard wel:
Het menselijk lichaam bevat relatief een stuk minder haar dan een paard en de mens bedekt zijn huid dus met kleding om op temperatuur te blijven. Een paard heeft van nature al een jas aan doordat het een vacht heeft.Wel interessant om te bedenken dat we het paard een deken op doen dat nog al eens gemaakt is van vacht van een ander dier (schaap)!
De mens verliest warmte zonder kleren, een paard niet:
Als een mens geen kleren aan heeft verliest het menselijk lichaam heel snel warmte en als dit te lang duurt ontstaat onderkoeling doordat de lichaamstemperatuur daalt. Kleding zorgt ervoor dat de lucht tussen de kleding en de huis warm blijft. Meerdere laagjes over elkaar isoleren nog beter.
Als een paard geen deken op heeft heeft hij altijd nog zijn vacht. De haren van het paard vormen namelijk net als kleren een isolatie tussen het paardenlichaam en de koude buitenwereld, dus de vacht houdt de warmte van het lichaam vast.
Als een mens het koud krijgt trekt hij extra kleding aan, het paard lost het anders op:
Het paard kan zijn haren rechtop zetten, net zoals een vogel zijn veren opzet. Daardoor wordt er meer warme lucht vast gehouden.
- Bloeddoorstroming reguleren
Het paardenlichaam is erg handig in het efficiënt en effectief rond laten stromen van bloed in aderen en slagaderen in het lijf. Het lichaam kan zeg maar bepaalde ’’wegen’’ sluiten, ’’omleidingen’’ aanleggen om zoveel mogelijk warmteverlies tegen te gaan. Bij koud weer stroomt het bloed bv. niet vlak onder de huid maar stroomt het in dieper gelegen delen van de huid.
De stofwisseling van het paard zorgt in zijn algemeenheid voor warmte. Doordat hooi, stro en gras erg veel vezels bevatten kost het veel energie om dit te verteren. Het verteringsproces levert energie cq warmte op, dus het is belangrijk dat het paard in de winter de hele door kleine beetjes kan eten om zijn vuurtje te kunnen blijven stoken. Verder kan het paard zijn stofwisseling bij koud weer verhogen. Een hogere stofwisseling bij het paard zorgt voor meer energieproductie waardoor het paard op temperatuur blijft.
Het paard kan gaan rillen. Daardoor trekken spieren heel snel samen en ontspannen ze weer. Dus de spieren zijn heel actief en net als bij sporten zorgt dit ervoor dat het lichaam warmer wordt. Als een mens rillerig wordt, wordt de mens pas weer warm als hij lekker binnen is, vergezelt van warme chocomel en een warm bad. Het paard is een tijdje rillerig totdat het lichaam opgewarmd is en daarna stopt hij ermee.
Als het winter gaat worden en langdurig koud dreigt te gaan worden maakt het paard van nature een wintervacht aan. Deze vacht met bijbehorende vetlaag is bestand tegen kou, regen, sneeuw, wind en houdt de huid droog, warm en vrij van weersinvloeden. Als het paard dag en nacht buiten staat moet het paard dus niet uitgebreid geborsteld en gewassen worden, want dit verwoest het ’’isolatiemateriaal’’.
Een mens trekt een winterjas aan als EXTRA bescherming tegen kou, een deken bij een paard komt echter IPV van zijn eigen jas:
De reden dat we een deken op doen is vaak om de wintervacht tegen te gaan en het paard extra te beschermen tegen de kou.
Maar: het paard anticipeert op de deken die hij vaak al om krijgt in de herfst en past daar zijn wintervacht op aan. Dus hij krijgt minder wintervacht en meer deken wat per saldo dus niks extra’s aan warmte oplevert. De deken komt in de plaats van de wintervacht en is eigenlijk dus niet te beschouwen als een extra winterjas die hij aantrekt om hem warmer te houden. Dat kan betekenen als hij in de herfst bij 15 graden boven nul zijn winterdonsdeken al op krijgt, hij het straks bij -10 graden werkelijk koud krijgt omdat hij zich te vroeg in het jaar heeft aangepast aan de combinatie buitentemperatuur winterdeken.
Verder kan een vacht zich per graad Celsius aanpassen aan de koude, door zijn haren recht op te zetten. Met een deken kan dit helaas niet, omdat de deken de haren platdrukt. Daardoor kan het paard het juist koud krijgen, want een deken heeft niet de mogelijkheid zich per graad aan te passen.
Er zit dus een risico in om het paard nu al zijn winterdeken op te doen, terwijl de temperaturen ver boven het vriespunt blijven overdag. Het gevaar zit hem erin dat de weerstand van het paard achteruit kan gaan en dat het paard vatbaarder gaat worden voor verkoudheid e.d. omdat het paard zijn warmte niet goed kan reguleren door de deken. |