|
Gemaakt op 2006-11-15 21:50
|
|
|

|
’De mond is de barometer van het paard'', stelde Baucher al in de 19e eeuw. Via de mond kan de hand de scheefheid cq rechtgerichtheid waarnemen, het ruggebruik voelen, het gebruik van de achterhand registreren en de losgelatenheid waarnemen. We streven ernaar dat de hand samensmelt met de mond van het paard zodat de hand goed kan voelen.
|
Soorten
- Contactteugel door de ruiter tot stand gebracht
- Aanleuning door het paard opgezocht
- Licht (draagkracht, verzameld)
- Zacht
- Vast (stuwkracht, op de voorhand)
- Toestaan (bij overgang)
- Geven (bij halsstrekken)
- Weerstand bieden
- Begrenzen met buitenteugel (om over buitenschouder vallen te voorkomen)
- Stelling vragen met binnenteugel
Directe teugelwerking
De directe teugelvoering werkt direct in op de neus (via kaptoom) of mond (via bit) van het paard.
|

|
Via deze werking kan de ruiter het paard vragen:
- in stelling links of rechts te gaan
- zijn hals te strekken
|

De directe teugelvoering bepaald als het ware het ''rahm'' van het paard.
Indirecte teugelwerking
|

|
De indirecte teugelvoering werkt niet direct in op de mond of neus van het paard, maar werkt in op de voorhand cq op de schouders cq op de voorbenen van het paard.
|
Via deze werking kan de ruiter het paard vragen:
- zijn schouders t.o.v. de achterhand meer naar binnen te zetten (richting schouderbinnenwaarts)
- zijn schouders t.o.v. de achterhand meer naar buiten te zetten (richting travers)
Via de indirecte teugelvoering kan de ruiter als het ware de voorhand van het paard verzetten. Een goede oefening om gevoel te krijgen het fenomeen ''indirecte teugel'' is de volgende:
|

|
- Rijdt op een volte.
- Hou een zweep als op de foto.
- Breng beide handen naar rechts (met de afstand tussen de handen gelijk houdend). De teugel gaat nu tegen de linkerkant van de schoft (foto). Het paard reageert hierop door te wijken voor deze druk op de binnenschouder en maakt de volte groter.
- Breng beide handen naar links in het de richting waarnaar de zweep wijst. De teugel gaat nu tegen de rechterkant van de schoft. Het paard wijkt voor de druk op de buitenschouder en zal nu de volte kleiner maken.
Let er wel op dat het paard met stelling naar binnen blijft lopen, dus dat u de indirecte teugelvoering altijd combineert met de directe.
|
Combineren van de directe en indirecte teugelwerking
Door het combineren van de beide werkingen kunt u het paard correct begeleiden bij het uitvoeren van oefeningen. Hier een voorbeeld:
- Rijdt u het paard op een volte en valt het paard daarbij op de binnenschouder, dan kunt u het volgende doen om het paard weer in balans te brengen:
|

|
U brengt uw binnenhand naar uw buitenheup. Daarmee zorgt u ervoor dat:
- de stelling behouden blijft,
- dat u de binnenschouder naar buitenbrengt
Het paard schuift daartoe als het ware naar buiten toe op en komt verticaal weer in balans, waardoor het paard weer correct kan buigen. Met dat het paard reageert op uw hulpen en nageeft, geeft u zelf na door uw handen en vingers te ontspannen.
|
Handhouding
 |
 |
 |
| Pianohanden: |
Platte duimen: |
Handen rechtop, duimen als dakjes: |
|
Daardoor kunt u helaas niet veren in uw polsen en vingers. Ook komen de botten in uw onderarmen over elkaar te liggen wat voor spanning zorgt.
|
Hierdoor ontstaat onnodige spanning. Draai maar eens met uw pols, dan voelt u een beperking bij het draaien.
|
U kunt veren vanuit uw polsen en vingers en uw polsgewricht voelt soepel aan. Hierdoor kunt u met veel gevoel paardrijden.
|
Armhouding
|

|
Het middelste plaatje geeft de gewenste armhouding aan.
|
Meer informatie
Kijk voor meer informatie op de volgende links:
|
|
Laatst aangepast op dinsdag, 09 oktober 2007 17:01 |