|
Gemaakt op 2006-03-11 22:34
|
|
Een travers op de diagonaal wordt ook wel appuyeren
|
Filmpje met Bent Branderup: Appuyement
| DEFINITIE

|
Bij het appuyeren beweegt het paard over de diagonaal waarbij het paard in lengtebuiging, in een voorwaarts-zijwaartse manier beweegt en kijkt in de richting waar hij heen gaat. Tijdens het appuyeren treedt het paard afwisselend met het binnen- en het buitenachterbeen onder het zwaartepunt. De buitenbenen treden voorlangs en voorbij de binnenbenen. |
Het paard in beide draagmomenten:
|
 |
| 1. Het buitenachterbeen grijpt naar het zwaartepunt toe. |
2. Het binnenachterbeen grijpt naar het zwaartepunt toe. |
SAMENHANG SCHOUDERBINNENWAARTS, TRAVERS, APPUYEREN
 |
Het appuyeren is hetzelfde als het rijden van de travers, met het verschil dat de oefening niet langs de wand wordt uitgevoerd, maar op de diagonaal van de rijbaan. Dus het paard moet echt op eigen benen lopen en heeft geen steun aan de wand meer. Stelt u zich eens voor dat de wand met de hoefslag over de diagonaal loopt en rijdt langs die denkbeeldige wand travers, dan ontstaat vanzelf het appuyement.
|
 |
Bij het appuyeren moeten de schouders altijd voor de achterhand uitgaan. Op elk moment tijdens het appuyeren moet het paard schouderbinnenwaarts rechtuit kunnen lopen. U weet dan zeker dat het paard de juiste vorm heeft tijdens het appuyeren. Voor paarden die nog niet sterk genoeg zijn en hun balans snel verliezen is het zelfs raadzaam om het appuyeren af te wisselen met het rechtuit rijden in schouderbinnenwaarts.
|
HET AANLEREN
Met appuyeren kan pas begonnen worden als het paard de oefeningen schouderbinnenwaarts en travers geleerd heeft. Het appuyeren wordt allereerst aan de hand geleerd, daarna rijdend. In eerste instantie zijn een paar passen in stap voldoende en pas als het paard sterker wordt kan een hele lange zijde gevraagd worden. Als het paard de oefening in stap kan uitvoeren, kan het appuyeren ook in draf en tenslotte ook in de verzamelde galop geoefend worden.

RUITERHULPEN
|
Als voorbereiding op de oefening rijdt de ruiter rechtsom een volte of schouderbinnenwaarts. De ruiter verplaatst vervolgens zijn zwaartepunt richting de diagonaal en vraagt het buitenbeen onder de massa.
De hulpen tijdens het appuyement zijn verder analoog aan die van de travers:
|
 |
- De ruiter belast zijn binnenzitbeenknobbel om zo de buitenste, gestrekte rugspieren te ontlasten.
- Het zwaartepunt dat diep in de buik van de ruiter ligt gaat richting het binnenvoorbeen.
- Het binnenbeen ligt op de singel en onderhoudt de lengtebuiging.
- Het buitenbeen van de ruiter ligt achter de singel en drijft op het moment dat het buitenachterbeen in de lucht is om dit achterbeen onder het zwaartepunt te brengen.
- De binnenteugel onderhoudt de stelling in de hals en de nageeflijkheid.
- De buitenteugel bepaalt de mate van stelling.
- De ruiter houdt verder zijn schouders parallel aan die van het paard en zijn heupen parallel aan de heupen van het paard.
- De ruiter kijkt tussen de oren van het paard door in de richting waard de combinatie heen gaat.
|
VARIATIES
Afwenden op de AC lijn, het paard in schouderbinnenwaarts zetten en vervolgens in travers over de diagonaal laten bewegen.
Let op:
|
|
Het paard moet de hoek correct doorrijden, zodat de oefening als die direct na de hoek gereden wordt, goed uitgevoerd kan worden. |
|

|
Als het paard niet goed de hoek doorgaat, valt de achterhand naar binnen. Het appuyement kan zo nooit goed ingezet worden. De schouders moeten namelijk voor de achterhand blijven. |


Appuyeren aan de Lange Teugel door de Spaanse Rijschool uit Wenen
De Spaanse Hofrijschool in Wenen is al meer dan 435 jaar toonaangevend.

|
|
Laatst aangepast op dinsdag, 26 januari 2010 17:56 |